logo

Tuin te klein? intensiever telen is de oplossing (deel 1)

tuin planIk hoor wel eens iemand opperen: mijn tuin is te klein om zelf groenten of fruit te verbouwen, … We lijken wel genetisch geprogrammeerd om te denken dat we niet over genoeg grond beschikken om groenten en fruit te verbouwen. Lees het kortverhaal “hoeveel grond heeft een mens nodig” maar eens. Ook al schreef Tolstoy het verhaal in de negentiende eeuw, dit beperkend denken is van alle tijden. In mijn eigen denken heb ik het ook gemerkt. Tien jaar geleden dacht ik ook nog in hectaren, een paar jaar later begon ik in aren te denken en tegenwoordig denk ik eerder in een grootte orde van vierkante meters. Meer grond verwerven is vaak een niet zo simpele en vaak dure aangelegenheid. Maar er is goed nieuws. De grootte van de tuin hoeft absoluut geen belemmering te zijn om zelf voedsel te produceren. Er zijn heel wat mogelijkheden. Maar dat is het juist. Denken in de mogelijkheden die we wel hebben in plaats van in belemmeringen van wat niet mogelijk is. Daarom wil ik het vooral over hebben over oplossingen om voedsel te produceren in een kleine tuin in dit tweedelige artikel.

 

Op zoek naar oplossingen

Een groter stuk grond kan theoretisch gezien meer mogelijkheden hebben maar als de grond groter wordt dan de tuinier kan behappen daalt de efficiëntie, de investering van tijd tegenover output van de tuin, razend snel. Dat is nogal dikwijls wat er gebeurd in de praktijk. Een groot stuk grond waar in het voorjaar in één keer van alles en nog wat tegelijk op wordt geplant en waar je na korte tijd verzuipt in het onkruid, de oogst of allebei. Meestal is de grootte van de tuin niet de beperkende factor maar eerder de aandacht van de tuinier. Vaak zie je dat hoe kleiner de tuin is, hoe hoger de uiteindelijke opbrengst per vierkante meter ligt. Al je groente en fruit zelf produceren in een kleine tuin is geen sinecure; maar een groot deel dat gaat vlot. In een tuin van pakweg 100 m² kan je al gauw in je groente behoefte voorzien voor twee personen en heb je zelfs nog plaats voor een terras en eventueel wat fruit. In plaats van te focussen op de hoeveelheid grond loont het eerder om na te gaan hoe je met de grond die je hebt kan rondkomen. Meer doen met hetgeen je hebt dus door er beter gebruik van te maken. Vooral met voorbereiding en door gebruik te maken van creatieve opportuniteiten valt veel winst te boeken.

voorbereiding

  • intensiteit en teeltkeuze
  • optimaal design

Creatieve opportuniteiten

Laten we een aantal van die puntjes eens in detail bekijken en vooral aandacht geven aan makkelijke dingen. Actiepunten met een groot effect en waar een minimum aan investeringen in tijd en geld tegenover staan.

 

Voorbereiding

Intensiteit en teeltkeuze

Simpelweg komt het hier op neer. Een vierkante meter (grond)oppervlak die je één keer per jaar gebruikt voor één teelt blijft één vierkante meter. Zet je op die bewuste vierkante meter twee opeenvolgende teelten per seizoen dan verdubbel je je teeltoppervlakte terwijl je grondoppervlak gelijk blijft. Op het overgrote gedeelte van je tuin kan je makkelijk twee oogsten per jaar realiseren. Bijvoorbeeld tuinbonen in het voorjaar gevolgd door winterprei of de combinatie vroege aardappelen – pompoen, erwt en-prei, tuinboon-savooi, enz...

Veel vierkante meters kan je zelfs drie keer of meer betelen per seizoen wanneer je snelgroeiende gewassen gebruikt. Sla bijvoorbeeld groeit bijzonder snel en kan je makkelijk meerdere keren na elkaar planten en oogsten. Dergelijke combinaties zijn wat we noemen een all in – all out systeem. Je plant één teelt en wacht tot deze volgroeid is en dan plant je de volgende teelt die er solo staat tot ze geoogst wordt. Als je met een all in -all out systeem werkt laat je best wat mogelijkheden liggen. In het begin van de teelt zijn jonge planten klein en ligt er heel wat grond rond de planten gewoon leeg. Er is misschien 5 % procent van de oppervlakte gevuld met planten en de overige 95 % ligt gewoon leeg. Het kan ook anders.

sla

Foto: er ligt meer ruimte vrij dan dat er in genomen wordt door de slaplantjes. Nefast voor bodemkwaliteit en oogstefficiëntie.

De productie van je tuin is door intenser te telen sterk te verhogen. Meer oogsten per oppervlakte-eenheid kan door intens telen in combinatie met doorlopend oogsten en planten. In tuinboeken worden eindafstanden opgegeven. Dat betekent niet dat je bij het zaaien of planten de eindafstand meteen moet respecteren. Neen, je kan er op een eenvoudige manier je voordeel uit halen om alles wat dichter bij elkaar te plaatsen bij het begin van de teelt en dan naargelang de planten groter worden ze meer ruimte te geven door tussen te oogsten. Door de gewassen dicht bij elkaar te zaaien en enkele weken na het zaaien de planten uit te dunnen kan je zo al dunnend heel wat voedsel telen op een oppervlakte die anders lange tijd vrij lag. Zaai je bijvoorbeeld sla dan kan je na een dag of 10-14 kleine plantjes er van tussen halen en er een slaatje mee maken. De week daarna kan je hetzelfde doen. Enzovoort, de resterende planten worden steeds groter en terwijl eet je iedere keer de planten op die je toch moest verwijderen. Dit werkt niet alleen voor sla maar voor tal van andere gewassen zoals Chinese kool, snijbiet, etc..

Sneller opvolgen van gewassen is een andere optie. Dit kan door planten voor op te kweken in een potje op een vensterbank of een andere plaats in de tuin. Op die manier kan je de teelt vaak met een aantal weken tot soms zelfs maanden (prei) inkorten. Dit vergt natuurlijk wel extra werk en planning van de tuinier.

Vergeet voorts ook de mogelijkheden van meerjarige planten niet. Eeuwig moes zal op jaarbasis meer produceren dan een klassieke tuinkool zoals pakweg boerenkool en dit voor een pak minder werk. Een zuringplant levert meer dan èèn enkele spinazieplant en ga zo maar door.

Het groeiseizoen verlengen is een andere optie. Je kan je planten afdekken met een folie of doek, er een (verplaatsbare) mini-serre omheen bouwen of de planten in een grote serre telen. Het groeiseizoen vervroegen in het voorjaar en verlengen in het najaar kan leiden tot spectaculaire opbrengstverhogingen. Vooral als we het over grote serres hebben is dit vast en zeker een maatregel met heel wat potentie maar zeker niet de enige maatregel die toe te passen valt om de tuin sterk te intensiveren.

De meest voor de hand liggende en misschien zelfs de belangrijkste maatregel om meer te telen is de winter benutten. In de lente zijn we hevig en willen we zo snel mogelijk alles vol zaaien. Maar de tweede ronde is niet altijd even intens beplant. Nochtans zijn er opties genoeg om het perceel te vullen die een goede oogst kennen: een hele reeks kolen zoals boerenkool, rode en witte kool, savooi, palmkool, chinese kool, paksoi, raapjes. Planten zoals winterpostelein en barbarakers, prei, radicchio, …  We komen zo automatisch uit bij teeltkeuze.

winter groenten

Fotocollage: linksboven:prei; rechtsboven: winterpostelein; linksonder: nine star perennial broccoli; rechtsonder: radicchio

 

Teeltkeuze is een belangrijk instrument om de productie te verhogen in een kleine tuin. Vooral de groeisnelheid en de plaats die de plant inneemt wanneer hij volwassen is drukken sterk op de oppervlakte. Moet je kiezen tussen twee teelten zoals bloemkool en sla dan kan je op als volgt redeneren. Een bloemkool staat langer in de tuin dan een slaplant en pakt bovendien meer plaats in. Een dergelijke logica kan je meenemen in je beslissing maar je eigen voorkeur qua smaak, tijd en dergelijke meer zullen uiteindelijk toch de doorslag geven en het winnen van de logica. Als ik een klein tuintje ter beschikking heb probeer ik altijd mijn favorieten te telen. Een courgetteplant die wel wat ruimte inneemt maar bijzonder veel produceert, basilicum voor pesto, een tomatenplant omdat vers geteelde tomaten gewoon de lekkerste zijn. Iedereen zijn lijstje zal er anders uit zien. Het zal voornamelijk afhankelijk zijn van persoonlijke toegevoegde waarde. Is voor jou bieslook de belangrijkste plant wel verbouw hem dan natuurlijk! In plaats van te selecteren op groeisnelheid, de trage teelten schrappen uit je plan en enkel de snelle teelten inschakelen, zorg je er beter voor dat je tuin jaarrond zo vol mogelijk staat.

Voor mensen die meer willen weten over dit thema valt er ook nog wel wat extra leesvoer te vinden in een aantal boeken. Een vrij bekend werk over dit thema met een excentriek lange titel is “How to grow more vegetables (and fruits, nuts, berries, grain) than you ever thought possible on less land than you can imagine” van John Jeavons. Het boek bevat heel wat praktische info en aanbevelingen. John maakte er zijn levenswerk van om intensief tuinieren in de praktijk te brengen. Hij ging van start met zijn experimenten in 1972 en gaat er tot op heden mee door.

Zelf kan je ook altijd extra methodes uitvinden. Voel je zeker niet begrensd. Interessant om weten is ook dat intenser telen op kleine oppervlaktes mensen al eeuwen bezig houdt en dit in verschillende culturen die geografisch ver van elkaar verwijderd waren. Denk maar aan de drijvende moestuinen van de Inca 's, de intensieve methodes uit Azië. Iedere cultuur had zijn methodes oftewel zijn eigen design dus als masterplan voor de intensieve teelt aangepast aan klimaat en omgeving. Een grotere oogst was niet het enige wat vooropgesteld werd. Ook bodemverzorging was een belangrijk punt. Een bijzonder groot voordeel van intens telen is dat je bodem constant bedekt blijft. Op die manier bouw je zowel een rijke bodem op terwijl je voorkomt dat er “onkruid” verschijnt. Het is dus een win-win situatie voor  tuinier en bodem (en dus toekomstige tuiniers) als bijkomend pluspunt.

 

Optimaal design

Wat we willen bekomen met de intensieve teelt is zoveel mogelijk eetbare en dubbeldoelplanten voor mens en dier te gaan verbouwen met zo weinig mogelijk werk en andere input. Om je productie op een hoger niveau te tillen zonder al te veel extra werk voor jezelf te creëren is optimaal design de sleutel. Design klinkt misschien nogal doordacht en chique maar hoeft dat zeker niet te zijn. Een design hoeft geen specialistenwerk te zijn. Iedereen kan het. Wat het vooral vereist is heel nauwlettend je tuin observeren. Vier seizoenen per jaar. Waar komt de zon wel en niet in de winter, hoe staat ze in de zomer. Op welke plaatsen is de wind steeds sterk aanwezig. Waar zijn de natte en droge plaatsen in de tuin, enz... Kort samen gevat komt het er vooral op neer van samen te werken met de natuur in je omgeving. Dit door het gebruik van micro-klimaatjes, planten op de meest geschikte locaties zetten, te werken in laagjes, enz... Ontwerpen is niet zomaar kopiëren maar vooral ook creatief zijn. Creativiteit is daarom naast observatie een tweede belangrijk gereedschap om het beste design neer te zetten. Design en creativiteit leiden ons naar ontwerpmethodes zoals permacultuur waar bijzonder veel aandacht wordt besteed aan leren ontwerpen door optimaal gebruik te maken van wat je ter beschikking hebt in je eigen omgeving aan hulpbronnen.

Op internet kan je wel het één en ander vinden over permacultuur. Het ene al wat beter dan het andere. Heb je wat meer tijd dan zijn boeken zoals "permaculture a designers manual" en "permaculture 2: practical design and further theory" beiden van Bill Mollison zeker en vast aan te raden. Het zal je vast en zeker helpen om je eigen ontwerp te verrijken en nieuwe denkpistes te ontwikkelen.

In deel 2 hebben we nog wat meer praktische wenken en voorbeelden klaar van creatieve opportuniteiten die we zelf toepassen in de tuin.

Automatisch getipt worden als er een nieuw artikel verschijnt? Volg de facebookpagina van haal meer uit je tuin