logo

Gigantische broeihopen maken perfecte compost

broeihoop najaarGoede compost , we hebben er altijd te weinig van. Bijkopen is vaak geen optie. Het spul dat je aankoopt is wel zwart en heet compost maar heeft niet dezelfde kwaliteiten. Onze kippen produceren een paar kubieke meter compost per jaar maar hoe hard ze ook hun best doen. Daar komen we niet mee toe. Eén van mijn belangrijke tuingeheimen – en meerdere generaties (kasteel)tuiniers voor mij- is het gebruik van broeihopen zowel buiten als in de serre. De grond word rijker én warmteminnende gewassen krijgen een fikse voorsprong.

 

 

 

Jaren geleden begon ik in de serre te experimenteren met een kleine broeihoop zoals Lieven David die een dik decennium geleden beschreef in het tijdschrift Seizoenen. Tijdens mijn opleiding als “tuinbouwkundige” had ik een docent vluchtig wel eens iets horen vermelden over het historisch gebruik van broeivoren om vroege komkommers te telen maar ik had dit nog niet vertaald naar gebruik in de tuin.

Het gebruik van de broeihoop was een instant succes. Mijn komkommers groeiden er fantastisch op.
Wat mij echter het meest in het oogst sprong was het hoopje uitmuntende compost dat overbleef op het einde van het jaar en hoeveel regenwormen er in te vinden waren.

Het eindresultaat: zwart goud en veel regenwormen

De compost die overblijft na één seizoen is zijn gewicht in goud waard. Een heel seizoen lang breken mestwormen, pissebedden, bacteriën en schimmels het organische materiaal in de hoop af en zetten het om in een zeer stabiele compost die je voor van alles en nog wat kan gebruiken. Om borders te mulchen, potten te vullen, verhoogde borders aan te leggen,... Je vind er altijd wel een gebruik voor.

Steek je je hand op het einde van het seizoen in de afgewerkte compost dan vind je van de oorspronkelijke materialen amper nog iets terug. Wat er wel in overvloed in de hoop aanwezig is zijn wormen. Die wormen zijn actieve bodemverbeteraars. Ze graven gangen in de grond waardoor de water- en luchthuishouding verbeterd en verteren actief organisch materiaal tot stabiele humus, de shazam van de bodembestanddelen.

Grappig, maar als je kijkt hoe regenwormen geteeld worden in speciale bedden voor de (vooral op internet) alom geprezen peperdure “wormenmest” dan zie je dat die teelt net hetzelfde verloopt als een broeihoop opzetten.

Omdat de compost van zo 'n uitmuntende kwaliteit is, werd de broeihoop ieder jaar groter. Hoe groter de broeihoop, hoe makkelijker het is om om hem lekker warm te laten broeien...

Warmte als bijproduct

Wil je dat de hoop broeit? Dan moet je warme mestsoorten gebruiken. Paardenmest is de koning van de warme mestsoorten en wordt al eeuwen gebruikt om serres te verwarmen. Zelf leg ik ieder jaar begin maart een broeihoop aan in de serre om mijn warme gewassen op voor te zaaien. Dat werk uitstekend. Tomaten, paprika 's, watermeloenen,... ze komen perfect uit op zo 'n broeihoop waarvan de bodemtemperatuur varieert tussen 25 en 30 graden Celsius.

De broeihoop leggen we aan in de laatste week van februari. Begin maart zaaien we er de warme gewassen op.

broeihoop warmegewassen

Foto: meloenen, bonen, tomaten,... de warme gewassen kiemen perfect op de broeihoop.

Eind april, begin mei verhuizen de voorgezaaide gewassen en plant ik komkommers op de hoop die het fantastisch doen. We haalden al opbrengsten tot 19,5 kg* op één vierkante meter! *(bekijk de resultaten van ons project: wat brengt een tuin op)

De hoop ligt niet ieder jaar op dezelfde plaats maar wandelt door onze serre. Zo wordt ieder jaar een ander stukje van de serre verrijkt met organisch materiaal. Op het einde van het seizoen wordt de hoop uitgespreid over ongeveer een derde van de serre. We proberen ook altijd enkele kruiwagens van de rijke compost aan de kant te leggen om te gebruiken (in de potgrondmengeling) bij het oppotten van hongerige gewassen zoals tomaten.

Ook buiten de serre kan je je voordeel doen met het gebruik van zo 'n broeihoop. Zet je de hoop begin mei op dan kan je tegen het einde van de maand er warme gewassen zoals tomaten op planten. Door de hoge bodemtemperaturen groeien ze op deze “hot beds” bijna zo hard als in een serre.

Voor ons is warmte eigenlijk een bijproduct bij het opzetten van zo 'n hoop. We leggen de hopen eigenlijk in hoofdzaak aan om goede compost te oogsten.

  

Praktisch: de border opzetten

1. Een broeibak bouwen: Paletten zijn ideaal om een broeibak mee te bouwen. We graven ze ca. 20 cm in zodat de bak stabiel staat en bekleden de binnenkant met een enkele laag onbedrukt karton (van bijv. fietsdozen of meubelverpakking).

2. Broeimateriaal verzamelen: Wij werken graag met paardenmest afkomstig van stallen voorzien van stro. Naast mest voegen we ook houtsnippers toe om het broeiproces wat te verlengen.

3. Stort het materiaal in je broeibak. Extra hulp is welkom bij dit zware werk.

4. Aantrappen: Om de paar kruiwagens trap je het materiaal best licht aan. Anders zakt de hoop te snel na het opzetten.

5. Materiaal niet vochtig = begieten! De mest moet goed vochtig zijn. Is dat niet het geval dan broes je er wat extra water over. Zo goed als altijd moeten we het materiaal extra bevochtigen.

6. De verhouding taai/zacht materiaal is cruciaal voor de kwaliteit van de compost. Taaie materialen zoals hout en stro afbreken vraagt heel wat werk van de micro-organismen. en dus ook voeding. Die voeding halen ze uit de mest. De koolstof/stikstof verhouding is daarom cruciaal en vooral fingerspitzengefühl.

7. Zo snel mogelijk afdekken Is je hoop klaar dek hem dan zo snel mogelijk af met een laag teelaarde of je hoop word al gauw een stinkende vliegenkwekerij.

8. Op de laag grond leggen we plastic. Zo gaat de hoop sneller aan het broeien. De folie zorgt er ook voor dat de plantjes die je binnenkort op de hoop zet niet verbranden door de warme opstijgende dampen die anders aan de bovenkant van de hoop zullen ontsnappen. Je wacht best 5 à 10 dagen vooral je zaaitrays op de broeihoop zet. In het begin kan het broeien nogal hevig verlopen met te hoge bodemtemperaturen als gevolg.

9. Reactivatie van de hoop Na enkele weken zal je merken dat de temperatuur van de hoop stilaan daalt. Als je de toplaag even draait is dat vaak al voldoende om de temperatuur opnieuw te laten oplopen. Kijk ook na of de hoop niet te sterk uitgedroogd is. Indien dit het geval is begieten we de droge plekken met lauw water.

10. Na een zestal weken kan je planten in de hoop. Hongerige gewassen zoals tomaat, komkommerachtigen zoals pompoen, doen het perfect op zo 'n hoop

11. Op het einde van het seizoen kan je de afgewerkte compost verdelen over andere borders in de serre of buiten.

  

 Video: Zo zetten wij onze broeihoop op.

 

Uitkijken voor

 
Slechte samenstelling van de mest: te oude mest of mest uit een stal die te vaak ververst word zal niet goed broeien. Het stro dient verzadigd te zijn met ammoniak (pipi dus).

Antibiotica: informeer bij de paardenhouder hoe het zit met de gezondheid van de dieren die de mest produceren. Krijgen ze geneesmiddelen zoals antibiotica toegediend ga dan maar op zoek naar een andere leverancier. Geneesmiddelen zoals antibiotica doden bacteriën en je hebt ze net nodig om compost te maken. Dan spreken we nog niet van mogelijke residuen.

Te droge hopen (vooral in serre): hou steeds de vochtigheid van je hoop in de gaten. Stuur direct bij indien nodig! Hou de hoop ook tijdens het groeiseizoen vochtig zodat de compostering vlot verloopt. Als je er komkommers op plant sla je twee vliegen in een klap. Je giet je komkommers (die uiterst dorstig zijn) en tegelijk blijft de hoop nat. Ook op het einde van het seizoen hou je de hoop best nat. Zo is er minder stof in de serre wanneer je de broeihoop afbreekt.

Te kleine hopen: het broeiproces komt moeilijker op gang in een kleine hoop. Kleinere hopen hebben immers meer randen die de hoop kunnen afkoelen. Voor een vlotte start werken maak je je hoop best minstens een halve m³. Wij maken meestal hopen tussen 1 en 3 m³.

Angst voor mest: mest in zakjes uit een fabriek gebruiken is algemeen aanvaard. Verse mest in je tuin halen dat kan wat moeilijker zijn, zeker als je grotere hoeveelheden wenst te gebruiken.

Gesloten serre: Denk er aan, uit broeiende mest ontsnapt heel wat co². Die co² zorgt voor een extra groeistoot in de serre. In professionele kassen wordt er daarom ook extra bemest met co². Teveel is teveel. Stijgen de co² concentraties te ver door dan kunnen planten verbranden.

Te weinig variatie: Varieer, ook als het op voeding van je bodem aankomt. Gebruik niet jaar na jaar na jaar dezelfde mestsoort op dezelfde tuinpercelen. Als je jaar in jaar uit paardemest gebruikt op je tuinperceeltjes kan je er van op aan dat je binnen een jaar of tien, vijftien in de problemen komt. Een tijd terug zag ik dit in een kasteeltuin waar er jaar na jaar champost –waarvan het hoofdbestanddeel paardemest is- werd gegeven aan leifruitbomen. De bomen vertoonden allerlei gebreksverschijnselen te wijten aan een torenhoge ph die het gevolg was van jaar na jaar champost aan te wenden (in champost zit veel kalk). Leg je hopen daarom geen tien jaar op dezelfde plaats aan.

 

Is dit duurzaam?

Mest, het is een gevaarlijk onderwerp. Heel wat publicaties waarschuwen voor het gebruik van (verse) mest. Slecht voor het bodemleven, gevaarlijk voor de gezondheid wanneer het slecht wordt toegepast, verontreiniging van oppervlakte- en grondwater door slechte toepassing of overbemesting,...

Wat mij vaak opvalt is hoe weinig (organische) bemesting groentetuinen krijgen. Jaar na jaar worden er grote hoeveelheden gewassen geoogst maar er gaat weinig terug naar de bodem. Toch verwachten we grote oogsten.

Met een dieselauto kan je ook niet op benzine rijden. Als je gulzige groenten verbouwd - die op korte tijd bijzonder hard groeien en een beperkt wortelstelsel hebben - dan moet je die telen in een rijke bodem. Anders plant je ze beter niet.

Dat betekent keuzes maken. Wil je niet werken met mest dan komt het er op neer een andere strategie te hanteren om je bodemleven van voedsel te voorzien. Oppervlaktecompostering (lees mulch), minder gulzige groenten verbouwen, meer inzetten op meerjarige planten met een diep wortelstelsel zoals meerjarige groenten en (fruit)bomen, een composttoilet in de tuin,... Mogelijkheden genoeg.

 

Is dit de perfecte methode?

Tuinieren, dat is alle dagen bijleren. Leren dat doe je niet enkel door boeken of artikelen te lezen maar vooral door te observeren en de handen uit de mouwen te steken om zelf ervaring op te doen. Dan leer je het meeste bij. Dit artikel schreef ik met de kennis die ik nu over het thema heb. Maar ook die kennis zal evolueren in de loop van de tijd. Niets is statisch, alles is dynamisch om af te sluiten met een filosofische noot :-)

Op dit moment zie ik vooral heel veel voordelen voor het gebruik van broeihopen:

  • Waterbuffer: Een goed opgezette hoop buffert heel veel vocht. Dat is een enorm voordeel bij droog zomerweer. Ook al is het droog in de zomer. De planten groeien weelderig op het vocht aanwezig in de hoop.
  • Je kan telen op dezelfde plaats dan dat je compost maakt. Dat spaart niet alleen plaats. Bovendien wordt de grond waar de hoop ligt zelf ook verrijkt (wandelende composthoop),
  • Iedere grondsoort wordt instant beteelbaar, zelfs de slechtste stukjes tuin geven een rijke oogst. Een paar eeuwen lang waren de Fransen vermaard voor hun intensieve groenteteelt waaraan de compostering van paardenmest in broeihopen aan de basis lag.
  • Het is een kosteloos ondergewaardeerd “afvalproduct”, paardenhouders weten er vaak geen blijf mee. De mest wordt tenminste gebruikt voor het sluiten van een kringloop en het is bovendien kosteloos.
  • Je kan zo 'n hoop gebruiken als bodemverwarming zowel in de serre als buiten (hot beds)

 

 Vier speciale broeihopen;

Hot beds zijn te vergelijken met broeivoren. Onder je bed stop je een dikke laag broeiende paardenmest. Daardoor is de bodemtemperatuur van het bed hoger. Zo kan je warmteminnende gewassen zoals meloenen goed laten ontwikkelen in de vroege zomer wanneer nachttemperaturen nog laag zijn.

broeihoop buiten collage

Foto: Een "hot bed" buiten. In deze verhoogde bak zit een mengeling van paardenmest en houtsnippers. De Ricinus groeide in één seizoen uit tot een forse boom.

Ananashuisjes: Een bijzonder staaltje van het gebruik van paardenmest voor het produceren van warmte zijn de ananashuisjes die in de negentiende eeuw hier en daar opdoken in kasteeltuinen zoals die van Alden Biesen. In the lost gardens of Heligan werd een paar jaar geleden zo 'n ananasshuisje gerestaureerd en telen ze er effectief terug ananas in. Het enige wat je nodig hebt is ongeveer 30 ton paardenmest per stookseizoen! En veel tijd natuurlijk :-) De directie schat de prijs voor het telen van één ananas op ongeveer 1000 pond aan werkuren en materialen.... 

Meer info over de ananassen van the lost gardens in Heligan:

ananasserre

Foto: een ananasserre die niet meer in gebruik is in West Dean gardens. Onder de houten vlonders zat oorspronkelijk paardenmest.

Bark stoves zijn broeihopen van houtsnippers zeg maar. Op kastelen werden dergelijke hopen met schors aangelegd, een hakselaar hadden ze immers niet. Bark stoves hadden als voordeel dat ze minder hevig warmte gaven maar wel veel langer. De hele winter tot zelfs een jaar lang. Op zo 'n bark stoves werden tropische planten in serres overwinterd in het Victoriaanse tijdperk. Je kan er meer over lezen in “The encyclopedia of gardening” uit 1827. (Vrij te downloaden want het auteursrecht is verlopen)

encyclopedia of gardening

Foto: dit boek barst van inventieve teelttruucjes. Vrij te downloaden op biodiversity library.

Woningverwarming en warm water: De Franse boswachter Jean Pain verwarmde zijn huis met gigantische broeihopen van maar liefst 50 ton en meer! Deze grote hopen leverden maanden lang warm water voor sanitair gebruik of het opwarmen van zijn woning. Hij verwarmde niet alleen zijn woning met broeihopen maar verrijkte er ook de arme bodem in zijn tuin mee. Je kan er alles over lezen in het zeer interessante boekje: “another kind of garden” dat je zo kan downloaden (Engelstalig).

houtsnippers

Foto: Hout verbrand je niet maar composteer je! Deze hoop is klein bier in vergelijking met de hopen die Jean Pain gebruikte.

Vzw Haal meer uit je tuin
Regentwijk 17
3890 Gingelom
BE 0670.733.818
haalmeeruitjetuin@gmail.com

Automatisch getipt worden als er een nieuw artikel verschijnt? Volg de facebookpagina van haal meer uit je tuin